Het gedrag van mijn kind, wanneer moet ik hulp zoeken voor mijn kind?
"Het was vandaag echt geen leuke dag. Hij was zo snel boos. Eigenlijk was alles gedoe. Ik probeerde echt nog rekening met hem te houden, ik heb mijn planning aangepast en we zijn juist iets leuks gaan doen, maar wat ik ook deed, het was niet goed".

Het is avond. De kinderen liggen in bed en jij vertelt dit tegen je partner. Ondertussen knaagt er ook ergens wat schuldgevoel, want misschien had je nog wat geduldiger kunnen reageren. Misschien had je het anders moeten aanpakken. Misschien lag het wel aan jou. En je partner reageert met: "Ach, hij is gewoon moe. Het is ook wel veel allemaal de laatste tijd en we hadden een druk weekend. Morgen is het vast weer beter."
Jij twijfelt. Misschien heeft je partner gelijk. Kinderen zijn soms gewoon moe, of hebben een keer een slechte dag. Maar ondertussen zie je dit de laatste tijd juist steeds vaker gebeuren. Je merkt dat je kind sneller boos wordt. Dat kleine dingen steeds groter worden en jij het moeilijk vindt om ermee om te gaan. Maar is dat omdat er iets bij je kind speelt? Of ben je zelf gewoon moe? En doordat je partner er anders tegenaan kijkt, begint je eigen gevoel steeds meer te twijfelen.
Want je wilt graag dat het leuk en gezellig is in huis, maar je wilt ook niet van iets kleins iets onnodig groots maken. Want wanneer is gedrag gewoon gedrag dat bij de leeftijd hoort? En wanneer vertelt het gedrag ons dat een kind misschien iets extra's nodig heeft? Hoe weet je nou wanneer je hulp moet zoeken voor het gedrag van je kind?
Wanneer hoort gedrag gewoon bij de leeftijd?
Kinderen hebben nu eenmaal dagen waarop niets lukt (dit heb je zelf ook weleens toch?). Een drukke week, slecht slapen, een verandering thuis, een spannende gebeurtenis of simpelweg een volle emmer kunnen ervoor zorgen dat een kind minder kan hebben. Dan kan een kind sneller boos worden, meer huilen, overal tegenin gaan of zich juist terugtrekken. Dat betekent niet meteen dat er iets aan de hand is.
Sterker nog: emoties en lastig gedrag horen bij de ontwikkeling. Kinderen moeten nog leren omgaan met teleurstelling, frustratie, spanning en veranderingen. Dat gaat met vallen en opstaan. Dus waar jij zonder driftbuien een slechte dag door kan komen, is dit voor een kind anders. Doordat de hersenen nog volop in ontwikkeling zijn is het soms heel lastig om alles te overzien en impulsen te controleren. Daarom hoeft een vervelende dag niet direct reden tot zorg te zijn. Ja dit kan best wel passend bij de leeftijd zijn.
Maar wat als het geen moeilijke dag meer is? Wat als je merkt dat het gedrag steeds vaker voorkomt? Dat je kind steeds sneller overloopt? Dat jullie thuis steeds meer bezig zijn met voorkomen van boosheid? Of dat je kind zelf zichtbaar last heeft van wat er gebeurt?
Als je het beide anders ziet, kan het verleidelijk zijn om elkaar te overtuigen van je eigen gelijk. Maar daarmee kom je vaak niet verder. Hoe komen jullie dan samen tot een conclusie waar jullie je allebei goed bij voelen?
5 vragen om jezelf te stellen als jullie anders tegen het gedrag van je kind aankijken
Wat zien we precies?
"Het was vandaag echt geen leuke dag" is begrijpelijk. Dat is het gevoel wat jij er aan over hebt gehouden. Maar dat is niet het gedrag van je kind. Net zoals "ach het hoort gewoon bij de leeftijd" "hij is gewoon moe" of "jij ziet niet hoe erg het is" ook geen beschrijvingen zijn die gaan over het gedrag van je kind. Probeer deze interpretaties en conclusies eens los te laten en terug te gaan naar de feiten.
Wat gebeurde er precies? Werd je kind boos toen het plan veranderde? Wilde er iets niet lukken? Hoe lang duurde het voor je kind weer rustig werd?
Door het gedrag zo concreet mogelijk te beschrijven, ontstaat er ruimte om samen te kijken naar het gedrag, maar ook naar waar de verschillen in jullie observaties zitten.
Waar de een bijvoorbeeld ziet: "Hij is vandaag wel drie keer boos geworden omdat het net wat anders liep dan gepland", ziet de ander dat hij ook binnen 5 minuten weer vrolijk aan het spelen was. Beide observaties kunnen waar zijn, maar geven ook een ander gevoel bij jou als ouder. En wellicht ook een inzicht waar jullie hulpvraag precies ligt, op het moment dat je dan toch besluit om hulp te zoeken.
Hoe vaak zie je dit gedrag?
Soms kan een slecht kwartier veel groter voelen dan 3 fijne uren. Dat is niet gek dat dat zo voelt, maar wel zonde. Probeer daarom eens concreet te maken hoe vaak je dit gedrag daadwerkelijk ziet. En denk ook eens terug aan de afgelopen periode. Speelt dit al weken of maanden? Komt het in die periode steeds vaker voor of juist minder?
Heeft mijn kind er zelf last van?
Misschien is dit wel de belangrijkste vraag. Want jij kan het gedrag van je kind als heel lastig ervaren, terwijl je kind zelf nergens last van heeft. Of juist andersom. Jij kan nergens last van hebben, doordat je kind zich terugtrekt, heel erg aanpast en gaat pleasen. Dit valt veel minder op dan een kind met een enorme driftbui, maar kan zeker ook veroorzaakt worden doordat een kind niet lekker in zijn vel zit.
Vraag jezelf af: heeft mijn kind over het algemeen plezier in de dag? Durft hij nieuwe dingen uit te proberen? Kan hij lekker spelen en ontspannen? Heeft hij contact met klasgenootjes? Voelt hij zich prettig op school? Kan hij omgaan met kleine teleurstellingen? Lukt het om na een moeilijke situatie te herstellen?
Lukt het ons als ouders nog om hiermee om te gaan?
Dit is zeker ook een belangrijke vraag. Want ik zie soms kinderen voorbij komen met lastig gedrag, maar ouders die heel goed weten hoe ze hierop in kunnen spelen. Maar als dat bij jullie even niet meer zo willen lukken, dan kan hulp ontzettend waardevol zijn. En dat betekent zeker niet dat je iets verkeerd hebt gedaan of dat er iets mis is met jullie of je kind. Dus als je merkt dat je steeds vaker denkt: "Wat moeten we nu doen?" "Waarom werkt niets?" "Waarom escaleert het nu alweer?", dan kan een frisse blik ervoor zorgen dat je ineens iets ziet wat je zelf niet meer zag. En dan kunnen kleine tips jullie vaak weer makkelijk op weg helpen.
Wat zegt je onderbuikgevoel?
Dit is vaak een van de beste raadgevers. Misschien kan je alle vragen hierboven op een positieve manier beantwoorden, maar blijft het toch aan je knagen. Alleen kan je niet precies uitleggen wat dit dan is. Dat gevoel hoeft niet automatisch te betekenen dat er daadwerkelijk een probleem is, maar wel dat je er naar moet luisteren. Je hoeft namelijk niet eerst zelf te bewijzen dat er iets met je kind aan de hand is voordat je een vraag mag stellen.
Een vraag stellen betekent niet dat je altijd meteen iets moet veranderen. Soms is het juist helpend om te weten dat bepaald gedrag passend is bij de leeftijd en ontwikkeling van je kind. Alleen al dat inzicht kan ervoor zorgen dat je met wat meer vertrouwen en rust naar een situatie kunt kijken.
En als je merkt dat je ergens tegenaan blijft lopen, hoeft hulp zoeken niet te betekenen dat je van iets kleins een groot probleem maakt.
Hulp zoeken voor het gedrag van je kind hoeft niet groot te zijn
Veel ouders denken bij hulp zoeken meteen aan een uitgebreid traject. Aan onderzoeken, diagnoses en misschien zelfs wel een label. Maar hulp kan ook heel klein zijn. Een keer een gesprek waarin je kan vertellen wat je ziet. Een paar praktische handvatten voor thuis. Of misschien juist te bevestiging dat het inderdaad passend is bij de leeftijd.
Soms blijkt na zo'n gesprek dat er eigenlijk niets hoeft te veranderen. Dat kan juist heel fijn zijn. Je begrijpt beter wat er gebeurt en kunt met meer vertrouwen verder.
Maar soms ontdek je ook dat je kind ergens tegenaan loopt. En dan kunnen kleine veranderingen in de manier waarop je naar je kind kijkt of reageert al een groot verschil maken. Je hoeft dus niet te wachten tot iets erg genoeg is.
Ook laagdrempelig eens sparren kan je veel inzichten geven, waarna je misschien duidelijker weet welke richting je op wilt. Want uiteindelijk gaat het niet om de vraag wie van de ouders gelijk heeft, maar om wat jullie kind nodig heeft.
Misschien is het inderdaad een fase. Misschien heeft je kind wat extra ondersteuning nodig. Of misschien hebben jullie als ouders vooral behoefte aan vertrouwen en handvatten. Alle drie zijn waardevolle uitkomsten. Dus twijfel je over het gedrag van je kind? Blijf er dan niet alleen mee rondlopen. Je hoeft niet meteen een traject te starten. Je mag ook gewoon eens je verhaal vertellen en samen kijken wat passend is.
P.s. is samen eens sparren niet waar je nu behoefte aan hebt? Misschien heb je wel iets aan het gratis e-book "Help, mijn kind heeft een driftbui!".



Opmerkingen